+
602 THE HONGKONG GOVERNMENT GAZETTE, 31ST OCTOBER, 1874.
already been tried and discharged or punished, or is still under trial, in the Netherlands or in the United Kingdom, respectively, for the crime for which his extradition is demanded.
If the person claimed on the part of the Govern ment of the United Kingdom, or if the person claimed on the part of the Government of the Netherlands, should be under examination for any other crime in the Netherlands or in the United Kingdom, respectively, his extradition shall be deferred until the conclusion of the trial, and the full execution of any punishment awarded to him.
The extradition shall also be deferred if the person claimed should be detained for debt by a sentence passed before the requisition for the sur- render, under the laws of the country where he shall be found.
ARTICLE V.
The extradition shall not take place if, subse- quently to the commission of the crime, or the institution of the penal prosecution, or the con- viction thereon, exemption from prosecution or punishment has been acquired by lapse of time, according to the laws of the State applied to. -
ARTICLE VI.
A fugitive criminal shall not be surrendered if the offence in respect of which his surrender is demanded is one of a political character, or if he prove that the requisition for his surrender has in fact been made with a view to try or to punish him for an offence of a political character.
ARTICLE VII.
A person surrendered can in no case be kept in prison, or be brought to trial in the State to which the surrender has been made, for any other crime or on account of any other matters than those for which the extradition shall have taken place, until he has been restored or has had the opportunity of returning to the country from whence he was surrendered.
The period of one month shall be considered as the limit of the period during which the prisoner may, with the view of securing the benefits of this Article, return to the country from when was surrendered.
he
This stipulation does not apply to crimes com- mitted after the extradition.
ARTICLE VIII.
The requisition for extradition shall be made through the Diplomatic Agents of the High Con- tracting Parties, respectively.
het misdrijf, wegens hetwelk zijne uitlevering aangevraagd wordt, reeds heeft te regt gestaan en vrijgesproken, van regtsvervolging ontslagen, of gestraft is, of nog vervolgd wordt, respectievelijk in Nederland of in het Vereenigd Koningrijk.
Indien de persoon door de Regering van het Vereenigd Koningrijk opgeëischt, of indien de persoon door de Nederlandsche Regering opge- eischt, wegens een ander misdrijf in Nederland of in het Vereenigd Koningrijk respectievelijk, gepleegd, wordt vervolgd, zal zijne uitlevering worden uitgesteld tot na afloop van het strafgeding en van de geheele tenuitvoerlegging der hem opgelegde straf.
Ook zal de uitlevering worden uitgesteld, indien de opgeëischte persoon wegens schulden gegijzeld is krachtens eene veroordeeling, volgens de wetten van het land, waar hij gevonden zal zijn vóór de aanvrage tot uitlevering uitgesproken.
ARTIKEL V.
De uitlevering zal geen plaats hebben indien, na het plegen des misdrijfs, of het instellen eener geregtelijke vervolging, of de daarop gevolgde veroordeeling, de vervolging of de straf verjaard is volgens de wetten van den Staat aan welken de uitlevering wordt aangevraagd.
ARTIKEL VI.
Voortvlugtige misdadigers zullen niet uit- geleverd worden indien het misdrijf ter zake waarvan hunne uitlevering wordt aangevraagd een staatkundig karakter draagt, of zij het bewijs leveren dat de aanvrage om hunne uitlevering opzettelijk gedaan is met het doel om hen ter zake van een misdrijf van staatkundigen aard te vervolgen of te straffen.
ARTIKEL VII.
De persoon, wiens uitlevering heeft plaats gehad kan in geên geval in hechtenis gehouden of vervolgd worden in den Staat aan welken de uitlevering heeft plaats gehad, ter zake van eenig ander misdrijf of wegens eenige andere zaak dan die waarvoor de uitlevering geschied is, alvorens hij is teruggekeerd of de gelegenheid gehad heeft terug to keeren naar het land van waar hy uitgeleverd is.
Door het verloop van ééne maand zal de termijn, gedurende welken het den uitgeleverde vrijstaat, met het doel om zich het bij dit Artikel bedongen voorregt te verzekeren, naar het land van waar hij uitgeleverd is terugtekeeren, geacht worden verstreken te zijn.
Deze bepaling is niet toepasselijk op misdrijven, na de uitlevering gepleegd.
ARTIKEL VIII.
De aanvrage tot uitlevering zal gedaan worden door de Diplomatieke Agenten der Hooge Con- tracterende Partijen, respectievelijk.
No comments yet.
Private notes are available after approval.